Olijfolie test
Onze cijfers,
naast het schap
Nederland heeft geen instituut dat jaarlijks olijfolie uit de winkel laat keuren en de uitslag publiceert. Wat er wel is, zijn wetenschappelijke meetreeksen waarin per fles staat wat eruit kwam. Wij zetten die hier op een rij, en op de twee bepalingen waarvan wij een eigen uitslag hebben leggen we die ernaast.
Er bestaat geen Nederlandse olijfolietest. Geen ranglijst, geen jaarlijkse keuring, geen instituut dat flessen uit het schap haalt en opschrijft wat erin zat. Wie in Nederland wil weten wat hij koopt, heeft daardoor precies twee dingen: het etiket, en zijn eigen neus.
Dat gat is de reden dat deze pagina bestaat. Wij kunnen hem niet vullen met een eigen test — die kost drie- tot vierduizend euro en staat op de lijst, niet in de kast. Wat wij wel kunnen is opschrijven wat er in wetenschappelijk onderzoek wél aan winkelflessen gemeten is, met de bron erbij, en op de twee waarden waar wij een eigen meting tegenover kunnen zetten die meting ernaast leggen.
Wat wij zelf hebben laten meten
Onze vijf getallen
Op 10 november 2025 kwam de eerste labuitslag van onze olie binnen: vijf chemische bepalingen op een monster uit de silo met de oogst van 2025, volgens COI/T.20/Doc. nr. 34, 35 en 19 van de International Olive Council. Ze staan hieronder met de wettelijke grens ernaast, want een getal zonder grens zegt niets.
| Bepaling | Onze meting | Grens extra vierge |
|---|---|---|
| Vrije vetzuren (zuurgraad) | 0,22% | 0,8% |
| Peroxidegetal | 6,0 meq O₂/kg | 20 |
| Wasgehalte | zat niet in deze reeks | 150 mg/kg |
| UV-absorptie K232 | 1,70 | 2,50 |
| UV-absorptie K270 | 0,12 | 0,22 |
| ΔK | −0,002 | 0,01 |
Twee van deze bepalingen heeft de reeks hieronder ook laten doen: de zuurgraad en het peroxidegetal. Dáár gaat de vergelijking op deze pagina over, en verder nergens over. Wat er nog meer van onze olie gemeten gaat worden en wanneer, staat per veld op de oogstdatapagina.
De vergelijking
Elf flessen, doorgemeten en gepubliceerd
In 2025 kochten onderzoekers van de universiteit van Tuscia elf extra vierge olijfoliën in Midden-Italië: acht in de supermarkt en de discounter, drie rechtstreeks bij een plaatselijke molen. Ze lieten er alles op los wat er te doen is — chemie, een proefpanel en het fenolgehalte — en publiceerden de uitslag per fles.1
Dat maakt deze reeks bruikbaar op een manier die de meeste onderzoeken niet zijn. Je ziet niet alleen wat er gemiddeld uitkomt, maar per fles welke meting het verschil maakte. En dat verschil zit niet waar de meeste mensen het zoeken.
| Fles | Waar gekocht | Prijsklasse | Zuurgraad | Peroxide | Fenolen | Proefpanel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| LP1 | supermarkt of discounter | onder € 7 per liter | 0,63% | 10,98 | 61,44 mg/kg | aangegist (2,5) |
| LP2 | supermarkt of discounter | onder € 7 per liter | 0,37% | 12,09 | 104,49 mg/kg | ranzig (3,5) |
| LP3 | supermarkt of discounter | onder € 7 per liter | 0,40% | 16,02 | 87,30 mg/kg | geen gebrek |
| MP1 | supermarkt of discounter | onder € 14 per liter | 0,38% | 6,84 | 127,65 mg/kg | ranzig (2,0) |
| MP2 | supermarkt of discounter | onder € 14 per liter | 0,38% | 10,64 | 94,36 mg/kg | wijnachtig (2,5) |
| MP3 | supermarkt of discounter | onder € 14 per liter | 0,47% | 15,85 | 103,41 mg/kg | ranzig (2,8), aangegist (2,0), wijnachtig (1,0) |
| MP4 | supermarkt of discounter | onder € 14 per liter | 0,37% | 7,68 | 106,20 mg/kg | geen gebrek |
| HP1 | supermarkt of discounter | € 15 tot € 25 per liter | 0,27% | 11,13 | 179,10 mg/kg | ranzig (1,0) |
| HP2 | rechtstreeks van de molen | € 15 tot € 25 per liter | 0,27% | 6,99 | 520,61 mg/kg | geen gebrek |
| HP3 | rechtstreeks van de molen | € 15 tot € 25 per liter | 0,20% | 11,68 | 411,51 mg/kg | geen gebrek |
| HP4 | rechtstreeks van de molen | € 15 tot € 25 per liter | 0,18% | 10,79 | 482,03 mg/kg | geen gebrek |
Wat er in die tabel gebeurt
Op chemie zakte er geen enkele
Alle elf oliën bleven binnen de wettelijke grenzen. De zuurgraad liep van 0,18 tot 0,63 procent bij een grens van 0,8, en het peroxidegetal van 6,84 tot 16,02 bij een grens van 20. Wie alleen naar de chemie kijkt, ziet elf keurige extra vierge oliën en gaat tevreden naar huis.
Dat is precies de reden dat een zuurgraad op een fles zo weinig waard is. Hij zegt iets over hoe gaaf de olijven waren en hoe snel er geperst is, en verder niets — niet over smaak, niet over houdbaarheid, niet over wat er in de fles is bijgemengd. Wat elk van die getallen wél meet, staat bij labwaarden uitgelegd.
Op smaak zakte meer dan de helft
Een getraind panel vond bij zes van de elf oliën een gebrek boven de drempel: ranzig, aangegist of wijnachtig. Eén zo'n gebrek en de categorie vervalt, hoe mooi de chemie ook is.5 En hier zit het patroon: alle zes zakkers kwamen uit het schap. De drie oliën die rechtstreeks van een molen kwamen, hadden geen enkel gebrek.
Van de acht winkelflessen bleven er dus twee overeind. De andere zes stonden met "extra vierge" op het etiket in een categorie waar ze op het moment van meten niet meer in thuishoorden. Dat is geen fraude en meestal ook geen kwade wil: een olie die bij botteling in orde was, kan maanden later in een verlicht schap zijn gezakt. Vier oliën in doorzichtige flessen onder nagebootste supermarktomstandigheden verloren hun categorie na vijf, tien, vijftien en achttien maanden.4 Wat licht en warmte met olie doen staat apart uitgelegd.
En de prijs voorspelde het niet
Dit is het ongemakkelijkste getal in de reeks, ook voor ons. De duurste fles uit het schap — klasse € 15 tot € 25 per liter — had een ranzig gebrek. De goedkoopste discounterfles die er ook in zat, onder de € 7, had er geen. Prijs voorspelde in deze reeks wél het fenolgehalte, maar niet of de olie nog extra vierge was.
Wij verkopen olie boven in die prijsklasse. Dan hoort dit erbij te staan: een hoge prijs is een aanwijzing dat iemand zich meer werk heeft getroost, en het is geen enkel bewijs dat de fles in je hand in orde is. Daarom publiceren wij getallen en geen bijvoeglijke naamwoorden, en daarom staat er een pagina met onze eigen nadelen op deze site.
Het grootste verschil
Polyfenolen: de meting die niemand voorschrijft
In dezelfde reeks liepen de fenolen uiteen van 61 tot 521 mg/kg. Dat is een factor acht tussen twee flessen die allebei "extra vierge olijfolie" op het etiket hebben. De wet zegt daar niets over: Verordening 2568/91 kent geen ondergrens voor polyfenolen.5 Een olie kan aan elke eis voldoen en nagenoeg leeg zijn.
Het verschil loopt langs dezelfde lijn als bij het proefpanel. De acht winkelflessen kwamen gemiddeld uit op 108 mg/kg, met 179 als hoogste. De drie oliën van de molen zaten gemiddeld op 471 mg/kg. Geen enkele winkelfles haalde de EU-drempel van 250 mg/kg; alle drie molenoliën haalden hem ruim.
Dat is één reeks van elf, en elf is weinig. Een grotere reeks wijst dezelfde kant op: van 32 flessen extra vierge uit de Italiaanse detailhandel kwamen er drie boven de 250 mg/kg.2 Boven die drempel mag een verkoper de enige gezondheidsclaim voeren die specifiek over olijfolie gaat.6 Bij negen van de tien flessen mag dat dus niet — en de meeste kopers weten niet dat die drempel bestaat.
Dit is een bevinding van de onderzoekers en geen vergelijking met onze olie: het fenolgehalte zat niet in de reeks van november 2025, dus er is aan onze kant niets om ernaast te leggen. Het staat hier omdat het de scherpste meting in het onderzoek is en omdat het uitlegt waarom er op deze site nergens "rijk aan antioxidanten" staat. Die woorden mogen pas als er een getal onder ligt.
De grootste reeks die er is
Wat een officieel laboratorium vindt
Elf flessen is een studie, geen markt. Voor het beeld van een hele markt moet je naar Duitsland, waar het CVUA Stuttgart als officieel deelstaatlaboratorium jaarlijks honderden oliën keurt en de uitkomst publiceert. In 2024 en 2025 samen ging het om 534 oliën, waarvan 473 met het label extra vierge.3
Het cijfer dat er in 2025 uitsprong was niet het afkeurpercentage maar de reden: het aandeel misleidend geëtiketteerde monsters liep van 10 naar 18 procent, en 11 procent van alle onderzochte extra vierge oliën bleek versneden met vreemde olie.3 Dat is de ene vorm van bedrog die je niet kunt proeven en wel kunt meten — via de UV-waarden en met name ΔK, de waarde die oploopt zodra er geraffineerde olie is bijgemengd. De onze staat op −0,002, onder nul, bij een grens van 0,01.
Nederland heeft zo'n laboratorium niet. Dat betekent niet dat het hier beter gesteld is; het betekent dat niemand het weet. De flessen in het Nederlandse schap komen grotendeels uit dezelfde Europese handel als de Duitse. Wat dat voor supermarktolijfolie betekent staat op een eigen pagina.
Eerlijk gezegd
Wat deze vergelijking niet bewijst
Onze zuurgraad ligt lager dan die van elke winkelfles in de reeks en ons peroxidegetal lager dan dat van alle elf. Dat zijn ware zinnen, en ze zijn minder waard dan ze lijken. Drie redenen, en ze staan hier omdat wij ze zelf zouden willen lezen als iemand anders dit opschreef.
- Een tank is geen schap. Ons monster was weken oud, die flessen maanden. Oxidatie werkt met de tijd, dus dit verschil zou er ook zijn geweest als beide oliën identiek waren gemaakt.
- Elf flessen zijn geen markt, en Italië is niet Nederland. De reeks komt uit Midden-Italië. Wat er in een Nederlands schap staat, is niet gemeten — door niemand.
- Ons monster is door de producent zelf genomen. Dat staat met zoveel woorden op het rapport. Voor een routinecontrole is dat normaal en het is iets anders dan een blinde bemonstering door een inspecteur.
Wat blijft er dan over? Dit: van de acht winkelflessen bleven er twee volledig binnen de categorie waarin ze verkocht werden, en de drie oliën die de kortste weg van boom naar fles hadden afgelegd, kwamen er op elke meting het beste uit. Dat is geen bewijs dat onze olie goed is. Het is een aanwijzing dat de kortste weg de meeste kans geeft, en die weg is wat wij verkopen.
Vragen
Veelgestelde vragen over olijfolietests
Is dit een olijfolietest?
Nee, en dat woord verdient uitleg. Wij hebben zelf geen flessen van anderen laten meten. Wat hier staat is onze eigen labuitslag naast twee gepubliceerde meetreeksen aan winkelolie, allebei uit een wetenschappelijk tijdschrift en allebei na te lezen via de bronnenlijst onderaan. Een echte test — flessen kopen, laten analyseren, uitslag publiceren — staat op onze lijst en kost ongeveer drie- tot vierduizend euro. Zolang die er niet is, vergelijken wij met wat anderen gemeten hebben en zeggen wij erbij dat wij het niet zelf deden.
Welke merken zijn er getest?
Dat weten wij niet en wij verzinnen het niet. De onderzoekers werken met codes en noemen de merken zelf niet, zoals in dit soort onderzoek gebruikelijk is. Wij vinden dat jammer en tegelijk verstandig: één fles is één fles en geen merk. Een oordeel over een merk vraagt meerdere flessen, meerdere lotnummers en een laboratorium — niet één regel in een tabel.
Doet de Consumentenbond dit niet?
Nauwelijks, en dat is het hele probleem. De Consumentenbond test onregelmatig en de Keuringsdienst van Waarde deed een aflevering. Nederland heeft geen instituut dat jaarlijks flessen uit het schap haalt en de uitkomsten publiceert. Duitsland heeft dat wel: het CVUA Stuttgart, een officieel deelstaatlaboratorium, keurde in 2025 43 procent van de flessen met "extra vierge" op het etiket af.3 De NVWA bemonstert wel, maar publiceert niet op merkniveau en niet met die regelmaat.
Waarom is de duurste fles niet automatisch de beste?
Omdat de reeks hierboven precies dat laat zien. De duurste fles uit het schap, in de klasse van € 15 tot € 25 per liter, had een ranzig gebrek en zakte daarmee uit de categorie extra vierge. Een discounterfles van onder de € 7 had er geen. Prijs is een aanwijzing en geen bewijs — ook onze prijs niet, en waar onze prijs vandaan komt staat apart uitgelegd.
Waarom vergelijken jullie een silomonster met flessen uit een winkel?
Omdat dat het enige is wat wij hebben, en het is inderdaad geen eerlijke vergelijking. Ons monster kwam een paar weken na de persing uit een roestvrijstalen tank. De flessen in de reeks stonden in een winkel, met maanden licht, warmte en zuurstof achter de rug. Peroxidegetal en K-waarden lopen in die tijd op. Wij zouden dus ook zonder één handeling beter uitkomen. Daarom staat het bovenaan de pagina en niet onderaan, en daarom is de enige zuivere vergelijking er een tegen de drie oliën die in die reeks ook rechtstreeks van een molen kwamen.
Wat is er nodig voordat jullie wél een echte test kunnen doen?
Tien tot twaalf flessen uit de winkel met de bon erbij, een geaccrediteerd chemisch laboratorium, een erkend proefpanel, en onze eigen olie blind meegestuurd in dezelfde reeks. Dat laatste is niet optioneel: een test waarin je eigen olie niet meedoet is een aanval op concurrenten en geen onderzoek. Reken op zes tot tien weken, met het proefpanel als vertragende stap.
Waarom vergelijken jullie maar twee waarden?
Omdat dat de twee zijn die aan beide kanten gemeten zijn. Van onze olie zijn in november 2025 vijf chemische bepalingen gedaan; de gepubliceerde reeks bepaalde er twee daarvan ook. Alleen daar kunnen wij getallen naast elkaar zetten. Wat er in dat onderzoek verder gemeten is, staat op deze pagina als bevinding van de onderzoekers en niet als vergelijking met ons — anders zou je een vergelijking lezen waarvan de ene helft ontbreekt.
Kan ik zelf testen of een fles goed is?
Voor een deel wel, en het is goedkoper dan je denkt. De gebreken waarop zes van de acht winkelflessen zakten — ranzig, aangegist, wijnachtig — zijn te ruiken en te proeven zonder apparatuur. Wat je niet kunt proeven is bijmenging van geraffineerde olie; daar is een UV-meting voor nodig. Hier staat hoe je een blinde proeverij opzet, met de methode die een officieel keurpanel ook gebruikt.
Bronnen
- DeSantis, D., Ferri, S., Barelli, B., Cagnazzi, L., Modesti, M. (2025). Is retail extra virgin olive oil truly extra virgin? Consumer perceptions versus analytical quality across price ranges. Food Science & Nutrition, 13(6), e70471. Bekijken Elf oliën uit Midden-Italië: acht uit supermarkt en discounter, drie rechtstreeks van een molen. Chemie, proefpanel en fenolen per fles. Alle meetwaarden in de tabellen op deze pagina komen hiervandaan.
- Caporaso, N., Savarese, M., Paduano, A., Guidone, G., De Marco, E., Sacchi, R. (2015). Nutritional quality assessment of extra virgin olive oil from the Italian retail market: do natural antioxidants satisfy EFSA health claims?. Journal of Food Composition and Analysis, 40, 154–162. Bekijken 32 flessen extra vierge uit de Italiaanse detailhandel. Drie ervan kwamen boven de 250 mg/kg fenolen die de EU-claim vereist.
- CVUA Stuttgart, Zentrallabor für Speiseöle und -fette (2026). Olivenöl im Fokus: Betrug und Verunreinigungen bedrohen die Qualität. Chemisches und Veterinäruntersuchungsamt Stuttgart, gepubliceerd op 15 april 2026. Bekijken Officieel onderzoek aan 534 olijfoliën, waarvan 473 met het label extra vierge. Afkeurpercentage 38% in 2024 en 43% in 2025; in 2025 bleek 11% van de onderzochte extra vierge oliën versneden met vreemde olie.
- Lobo-Prieto, A., Tena, N., Aparicio-Ruiz, R., et al. (2020). Tracking sensory characteristics of virgin olive oils during storage: interpretation of their changes from a multiparametric perspective. Molecules, 25(7), 1686. Bekijken Vier oliën in doorzichtige flessen onder nagebootste supermarktomstandigheden. Ze verloren de categorie extra vierge na 5, 10, 15 en 18 maanden.
- Europese Commissie (1991). Verordening (EEG) nr. 2568/91, inclusief bijlage XII over de organoleptische beoordeling. Publicatieblad van de Europese Gemeenschappen. Bekijken Legt de grenzen vast waar deze pagina elke meting tegen afzet, en de proefmethode waarop de meeste oliën zakken.
- Europese Commissie (2012). Verordening (EU) nr. 432/2012, lijst van toegestane gezondheidsclaims. Publicatieblad van de Europese Unie, L 136/1. Bekijken De drempel van 250 mg/kg waaronder de polyfenolclaim niet gevoerd mag worden.
Van cijfer naar fles
De kortste weg van boom naar fles
Eén boomgaard bij Taranto, de oogstdatum op het etiket en de labuitslag openbaar. Ook de velden die nog leeg zijn.